Marcel Bogaart wilde alleen maar padellen. Vervolgens hielp hij een sport bouwen
De mensen achter de kooi
Een padelbaan bouw je met staal, glas, kunstgras en verlichting. Een sport bouw je met mensen.
Lees meer
In De mensen achter de kooi kijkt Padelgids.nl daarom niet alleen naar degene die uiteindelijk het punt maakt. We zoeken juist de mensen op die ervoor zorgen dat er überhaupt gespeeld kan worden.
In De ondernemer die een lege bedrijfshal binnenloopt en er banen ziet waar anderen alleen beton zien. De trainer die om zeven uur ’s ochtends de eerste les geeft. De vrijwilliger die een internationaal toernooi helpt organiseren. De bestuurder die leden moet overtuigen, de banenbouwer die een plan door vergunningen en techniek loodst en de maker die een oplossing bedenkt voor een probleem dat gisteren nog niet bestond.
Sommigen zijn bekend. Anderen staan bijna nooit op de foto. Maar zonder hen was padel in Nederland nooit geworden wat het nu is..
Dit zijn De mensen achter de kooi.
Bogaart kwam uit het tennis en speelde jarenlang op hoog amateurniveau. Padel voelde vertrouwd en tegelijkertijd totaal anders. De wanden, het samenspel en de manier waarop een rally steeds opnieuw kan beginnen maakten hem nieuwsgierig. Alleen stapte hij niet in een volwassen Nederlandse sportwereld. Wie in die jaren enthousiast werd, moest vaak zelf helpen die wereld te bouwen.

Spelen betekende ook organiseren
In Spanje bestonden al clubs, trainers en een echte padelcultuur. Nederland had slechts een handvol banen. Kennis moest letterlijk worden opgehaald. Spelers reisden naar Spanje, trainden, keken hoe goede spelers bewogen en namen die ervaring mee terug.
Bogaart behoorde tot de Nederlanders die internationaal gingen spelen. In 2013 bereikte hij met Coen Beltman het hoofdtoernooi van het Open WK voor koppels in Bilbao. Een jaar later stond hij opnieuw in Oranje bij het WK voor landenteams op Mallorca. De resultaten waren belangrijk, maar misschien was de opgedane kennis nog waardevoller.
In een jonge sport liep alles door elkaar. Een international gaf ook clinics. Iemand met buitenlandse contacten hielp een toernooi. Een speler die de regels goed kende werd vanzelf vraagbaak. De afstand tussen topsporter, organisator, bestuurder en ondernemer was klein.
Vier indoorbanen in Rijswijk
In 2015 opende La Playa in Rijswijk met vier indoorpadelbanen. Nu klinkt een indoorcentrum met meerdere banen normaal. Toen was het een gok. Nederland telde nog maar weinig locaties en het grootste deel van het publiek moest eerst horen wat padel was voordat het een baan kon boeken.
Dat betekende dat een exploitant niet alleen baanuren verkocht. Hij moest de sport verkopen: clinics organiseren, rackets beschikbaar hebben, spelers aan elkaar koppelen, uitleg geven en ervoor zorgen dat een eerste bezoek geen eenmalig bedrijfsuitje bleef.
Hetzelfde jaar werd in Rijswijk het Europees kampioenschap voor landenteams gespeeld. Bogaart was daar speler en aanvoerder van Oranje, bestuurder binnen de Nederlandse padelwereld en mede-eigenaar van de locatie. In een volwassen sport zouden die functies over verschillende professionals verdeeld zijn. In een pionierssport kwamen ze bij één persoon samen.
Van sport naar ecosysteem
De groei van padel bracht nieuwe vragen met zich mee. Waar koop je een goed racket? Hoe weet een beginner welk model bij hem past? Hoe maak je van incidentele spelers een community? In 2017 ontstond PadelShop.com, opnieuw vanuit de praktijk van de sport.
Daarmee zie je hoe een sport volwassen wordt. Eerst is er een baan. Dan zijn er spelers. Vervolgens komen trainers, competities, toernooien, materiaalmerken, gespecialiseerde winkels, software, media en sponsors. Uiteindelijk hoeft niet meer één enthousiasteling vijf rollen tegelijk te vervullen.
Bogaart bleef ondertussen spelen. Ook op latere leeftijd verscheen hij op nationale kampioenschappen en bleef hij zichtbaar als kenner en ambassadeur. Dat maakt zijn verhaal geschikt als eerste aflevering van deze rubriek: niet omdat één man de Nederlandse padelsport heeft gebouwd, maar omdat in zijn loopbaan bijna alle functies uit de pioniersfase samenkomen.
Niemand bouwt een sport alleen
De Nederlandse padelgeschiedenis is het werk van veel mensen: de initiatiefnemers van de eerste banen, bestuurders bij tennisverenigingen, spelers uit de eerste nationale selecties, trainers die Spaanse kennis meenamen, vrijwilligers en ondernemers die investeerden zonder zekerheid over de bezetting.
Juist daarom heet deze rubriek De mensen achter de kooi. Bogaart is één van die mensen. Zijn verhaal laat vooral zien hoe klein de wereld ooit was. In 2015 kon iemand international, bestuurder, ondernemer en organisator tegelijk zijn. Inmiddels zijn voor al die rollen complete organisaties ontstaan.
Misschien is dat de beste maatstaf voor groei. Niet alleen het aantal banen, maar het aantal mensen dat nodig is om de sport draaiende te houden.
Van uitleggen naar kiezen
Rond 2015 moest nog worden uitgelegd dat padel geen peddelen op het water was. Tegenwoordig discussiëren spelers over rackets, trainers, competities, tactiek en de beste baan in de buurt. De vraag veranderde van ‘wat is padel?’ naar ‘waar en wanneer spelen we?’
Dat lijkt vanzelfsprekend als je alleen naar het heden kijkt. Het wordt minder vanzelfsprekend wanneer je teruggaat naar de mensen die een bedrijfshal huurden voordat de reserveringen binnenstroomden en naar spelers die naar Spanje gingen omdat de kennis in Nederland nog nauwelijks aanwezig was.
Bogaart wilde op zijn veertigste vier dagen naar Barcelona om te padellen. Een paar jaar later hoefde een Nederlandse speler voor een volle padelweek de grens niet meer over. Dat verschil is het werk van een hele generatie mensen achter de kooi.
Voor de lezer
Ken jij iemand die in dit verhaal thuishoort, heb je historische foto’s of kun je een detail aanvullen? Mail redactie@padelgids.nl. Voor De mensen achter de kooi zoeken we juist de verhalen die normaal buiten beeld blijven.